• Slideheader0
  • Slideheader1
  • Slideheader10
  • Slideheader11
  • Slideheader12
  • Slideheader13
  • Slideheader14
  • Slideheader15
  • Slideheader16
  • Slideheader17
  • Slideheader18
  • Slideheader19
  • Slideheader2
  • Slideheader20
  • Slideheader21
  • Slideheader22
  • Slideheader23
  • Slideheader24
  • Slideheader25
  • Slideheader26
  • Slideheader27
  • Slideheader28
  • Slideheader29
  • Slideheader3
  • Slideheader30
  • Slideheader31
  • Slideheader4
  • Slideheader5
  • Slideheader6
  • Slideheader7
  • Slideheader8
  • Slideheader9

Lichtbrengers op Schokland
 

De pastoors van het vroegere Emmeloord, de dominees van Ens en de vuurstokers op de zuidpunt van Schokland. Bruno Klappe heeft een bont gezelschap bijeengebracht in een boek, dat in 1993 tijdens de Schokkerdag het licht zag. Het boek is de 24e uitgave van de Stichting Urker Uitgaven. "En het is een prachtig boekje", zegt uitgever en stichtingsvoorzitter Tromp de Vries, wijzend op de beschrijving van de lichtgevende figuren op het vroegere eiland Schokland. "En geen van hen had een makkelijk leven".
 

"Pastoors, predikanten en vuurstokers van het eiland Schokland" is de titel van het boekje van Bruno Klappe, dat in een eerste oplage van 500 exemplaren wordt gedrukt. Op de Schokkerdag bood hij het aan op de boot, die tussen Kampen en Lemmer vaart, aan zijn (inmiddels overleden) vader Ab Klappe (1922-2004), één van de mensen van het eerste uur van de Schokkervereniging. Zeker aanwezig zal Alie van Eerde zijn geweest. Zij is een nakomelinge van een oude Schokker vuurstoker. Namen als Van Eerde, Loosman en Snijders duiden op verwantschap met de lichtwachters van Schokland en de nauwe banden die er bestaan tussen Schokland en Urk. "Vrij intieme verhoudingen", zegt Tromp de Vries. "Al mag je misschien ook wel spreken van een haat-liefde-verhouding".


Een van de meest tastbare bewijzen die herinneren aan het bestaan van vuurtorenwachters op Schokland is de lichtwachterswoning en de daarbij gelegen Misthoorn op Schokland. Jan Spit vertrok daar in 1940 als laatste lichtwachter en havenmeester. De nog bestaande woning, waar zeker wat het interieur betreft niets meer herinnert aan vroeger, werd gebouwd tussen 1880 en 1900. Onder andere de ouders van de bekende Schokker havenmeester, postkantoorhouder en bijbellezer Harm Smit (1880-1950) woonden er. Smit, geboren op Schokland, hield op geheel eigen wijze bijbellezingen voor op het eiland verblijvende schippers, voor zowel katholieken als protestanten.


Ook op de Zuidpunt had Schokland zijn lichtwachterswoning. Pieter Verschoor, die in 1923 zijn post verliet, was er de laatste echte lichtwachter. De woning werd kort na de inpoldering gesloopt. Bruno Klappe gaat veel verder terug in de historie. De twintigste-eeuwse lichtwachters hadden gas tot hun beschikking. Het lichtwachter zijn was vaak niet meer dan een nevenfunctie op het verlaten eiland. De echte vuurstokers hadden een ander leven. Zij moesten 's nachts hun vuurbaak brandende houden met kolen, hout en turf. Zij dienden zuinig met hun brandstof om te gaan, maar in de duisternis consequent het licht brandende te houden. De vuurbaken op de noord- en zuidpunt dienden als oriëntatiepunt voor passerende schepen op de drukbevaren Zuiderzee. Klappe verzamelde een schat aan gegevens en publiceerde er al eerder over in een tijdschrift. Hij schetst een beeld van vaak eenzame mannen, die een zwaar beroep hadden, zeker in de wintermaanden, als het vroeg donker werd en laat licht. Het leven van sommige vuurstokers is ook omgeven met mysterieuze verhalen over stokers die op hun eenzame post hun verstand verloren.
De stad Amsterdam zag in de zeventiende eeuw het belang in van de vuren op Schokland en ook op Urk en kocht daarom halverwege de gouden eeuw Urk en de noordelijke helft van Schokland aan. De Zuiderzee was berucht vanwege de ondiepe zandplaten en de soms gevaarlijke stormen. Schokland en Urk dienden dan ook als plaats waar de schepen tijdens zwaar weer de luwte konden zoeken.

Naast de schat aan gegevens over lichtwachters verzamelde Klappe een berg informatie over de predikanten, die op Schokland werden gestationeerd. Aanvankelijk was het de bedoeling van de Stichting Urker Uitgaven de historie van de predikanten van Urk en Schokland in één boek onder te brengen. Want vele ingewijden kennen het vers van de zeezieke Urker predikant die op Schokland zou preken, maar door het razen der zee zijn tekst was vergeten. Al snel bleek dat het Urker predikantenleven alleen al voldoende stof bood om een kloek boek te vullen. De Schokker predikanten werden vervolgens bij de lichtwachters gevoegd en toen mochten vanzelfsprekend de pastoors niet ontbreken. Klappe ging opnieuw op onderzoek uit. En zo komen volgende week de vuurstokers, de pastoors van Emmeloord en de dominees van een boek van meer dan honderd pagina's, geïllustreerd door Klappe en Albert van Urk van de stichting verzamelde tekeningen.

Uiteraard, zo erkent Tromp de Vries, zijn er praktische redenen om de vertegenwoordigers van drie ambten in één boek onder te brengen. Het geschrift moest toch enige body hebben. maar geforceerd is de combinatie in uitgeversogen allerminst. Vuurstokers, dominees en pastoors, allen mensen met een verantwoordelijke functie, mensen met invloed ook. "Van pastoors en dominees wordt toch verwacht dat het lichtgevende figuren zijn. Ieder wilde op zijn eigen manier licht verspreiden, geestelijk of letterlijk", aldus De Vries. Daarbij wijst hij erop dat geen van de drie ambtsdragers op Schokland een makkelijk bestaan had.

De Schokkers kenden tijden van welvaart, maar meer nog van armoede en dan werd er nog wel eens naar de fles gegrepen. Van de dominee of de pastoor werd in dergelijke gevallen een oplossing verwacht. "De dominee had een moeilijk leven. En voor de pastoor gold hetzelfde. Eenzaam waren ze vaak. Want er was toch ook een kwalitatief verschil. Zij hadden gestudeerd. En zeker voor 1800 konden echt niet zoveel mensen lezen en schrijven. Velen hadden na één of twee jaar de buik vol van het leven op Schokland. Ze werden er ziek van en vertrokken. Vandaar dat er ook vrij veel geweest zijn. Al waren er wel die langer bleven en veel goed werk deden. Je moet ook bedenken: dominees, pastoors en vaak ook de lichtwachters waren mensen die van elders naar Schokland kwamen. De Schokkers zelf waren vissers of vrachtvaarders. Die laten zich niet zo snel opsluiten in een gebouwtje."
Naast de "geestelijke zorg" hadden dominees en pastoors ook hun praktische zorgen. De elementen teisterden het eiland en zijn kerken. Zoals bijvoorbeeld de Emmeloordse kerk, waarvan in 1840 aan het licht kwam dat deze zo slecht gefundeerd was, dat sloop van kerk en pastorie de enige oplossing was. Op dezelfde plaats werd een nieuwe kerk gebouwd, maar het bisdom beknibbelde op de kosten. De opeenvolgen de pastoors klaagden de jaren daarna onophoudelijk over gebreken, armoedige inrichting en gebrek aan comfort in de pastorie.

Alles bij elkaar, zo zegt De Vries, is een boeiend boek ontstaan, passend in de grote belangstelling die er voor Schokland is. "Het legt ook een heel stuk van de geschiedenis van het eiland bloot". Hoewel Schokland "in" is, houdt de stichting de eerste oplage bescheiden: 500 exemplaren worden er gedrukt. Belangstelling ervoor wordt vooral verwacht van de nazaten van de eilandbewoners op de Schokkerdag en van de grote schare die belangstelling toont voor Schokland. Het boekje komt in de verkoop in de Urker boekhandel en bij Museum Schokland.

Het 149 pagina's tellende boekje van Bruno Klappe, Pastoors, predikanten en vuurstokers van het eiland Schokland, (ISBN 90-71521-10-9) is inmiddels uitverkocht, maar soms nog tweedehands te vinden. 

Bron: "Het Nieuwe Land" , eind augustus 1993