• Slideheader0
  • Slideheader1
  • Slideheader10
  • Slideheader11
  • Slideheader12
  • Slideheader13
  • Slideheader14
  • Slideheader15
  • Slideheader16
  • Slideheader17
  • Slideheader18
  • Slideheader19
  • Slideheader2
  • Slideheader20
  • Slideheader21
  • Slideheader22
  • Slideheader23
  • Slideheader24
  • Slideheader25
  • Slideheader26
  • Slideheader27
  • Slideheader28
  • Slideheader29
  • Slideheader3
  • Slideheader30
  • Slideheader31
  • Slideheader4
  • Slideheader5
  • Slideheader6
  • Slideheader7
  • Slideheader8
  • Slideheader9
foto: Henk van Heerde, maart 2014

De vuurtoren is terug op de noordpunt van Schokland, naast de Lichtwachterswoning aan de haven van Oud-Emmeloord. De terugkeer van de lichtopstand is onderdeel van het project Redding Schokland van het Flevo-landschap, beheerder van het gebied. Het project wil de geschiedenis van het werelderfgoed Schokland weer voelbaar maken.


De lichtopstand is symbool van het Zuiderzeeverleden van Schokland. De vuurtoren op de noordpunt moet er omstreeks 1915 zijn geplaatst. Dus meer dan vijftig jaar na de ontruiming van het eiland. Een lichtwachter was er nog wel en de haven van Emmeloord was een schuilplaats voor schepen die de Zuiderzeestormen ontvluchtten. Het gebeurde in een tijd dat steeds meer schepen kozen voor de route 'om de west'. Die was weliswaar gevaarlijker bij storm, maar omdat de zwaardere schepen een grote diepgang hadden was de ondiepe route aan de oostkant van het eiland evenmin van gevaren ontbloot. De lichtopstand verdween toen Schokland opging in de Noordoostpolder.
 

Eigenlijk is 'vuurtoren' een fout woord voor de vuurtoren die is teruggekeerd bij de haven van Oud-Emmeloord op de noordpunt van Schokland. Het is een havenlicht, bedoeld om schepen te wijzen op de haven van Emmeloord, zegt amateur-historicus Kees Bolle.
Hij deed op verzoek van het Flevolandschap onderzoek naar de achtergronden van het 'havenlicht' en ontdekte hoe weinig er eigenlijk van bekend is. In het archief van de gemeente is geen spoortje te vinden. In het archief in Zwolle loopt het spoor aan het einde van de negentiende eeuw dood. Waarschijnlijk omdat vuurtorens onder verantwoordelijkheid van het Loodswezen, onderdeel van de marine, kwamen te vallen. En dan houdt het ook op. Niets meer over aannemers die moesten zorgen voor voldoende kousjes en brandstof.

Naspeuringen bij het instituut voor maritieme historie en bij vuurtorenkenner Kees Rijkers maakten Bolle weinig wijzer. Het bestuderen van oude foto's en een beetje gezond verstand brachten wel het één en ander aan het licht.
Na de ontruiming van Schokland in 1859 moet er een houten driepoot met lamp op de noordpunt van Schokland hebben gestaan. De lichtwachterswoning is in 1901 gebouwd en er zijn foto's van de woning met de driepoot. In 1908 is er nog een woning gebouwd met een telegraafkantoor. Op die foto staat de fundering van een nieuwe vuurtoren. De telegraafwoning is verdwenen. In 1908 moet er de stalen vuurtoren hebben gestaan, concludeert Bolle stellig. En het licht zat op een hoogte van 8,90 meter. De lichtwachterswoning dient als peil. De rest was voor het technisch oog van Bolle kinderwerk. Zo kon hij ook vrij nauwkeurig een reconstructie tekenen. "Alleen weet ik niet of het staal rond was of rechthoekig.''

Bolle, ook actief voor de Vrienden van Schokland, is blij met de terugkeer van het havenlicht, dat brandde op carbid. Dat geldt ook voor de terugkeer van het spatscherm rond de woning en de markering van de begraafplaats. "Het zijn sfeerbepalende zaken. Kijk: als de directie Wieringermeer sterke shovels had gehad, was heel Schokland plat geschoven. Zo'n puist was alleen maar lastig. En nu is het Werelderfgoed. Dan wil je iets aangeven van wat er was."
 

 Bronnen: Dik van Herwaarden, De Stentor, 10, 21 en 22 maart 2007 en De Flevopost van 09-03-2007. Onderste drie foto’s: Dinie Kamp.