Dit jaar vormde het Noordhollandse Enkhuizen, oude haven- en vissersplaats aan wat thans het IJsselmeer heet, het décor voor onze jaarlijkse bijeenkomst. ‘n Goed idee om deze plaats te kiezen. Enkhuizen geldt als één der mooiste steden van ons land, waar bovendien de sfeer van oude Zuiderzeeplaats zeer zuiver bewaard is gebleven. Er waren wat minder leden aanwezig dan op de al haast legendarische boottochten, maar dat waren voor een deel ook ándere leden dan anders. Goed, dat onze vereniging er blijkbaar in slaagt elk, op zijn beurt, wat wils te geven.

Liefhebbers en kenners van historie, vooral van de Zuiderzee-historie, kwamen bijzonder aan hun trekken. Eerst was daar de ontvangst op het monumentale stadhuis, dat open stond voor bezichtiging en waar tevens koffie en hartelijke welkomstwoorden rijkelijk voorhanden waren. Daarna volgde een stadswandeling langs de fraaiste punten, onder deskundige leiding. En als climax, na de rijkelijke en familiale lunch in de Nieuwe Doelen, de tocht per schip (men kon kiezen uit de “Urk” en de “Schokland”) naar het Buitenmuseum van het Zuiderzeemuseum, waar ieder de gelegenheid had de oude huisjes, bedrijven, winkels, straatjes en pleintjes te bezichtigen en zich aan nostalgische mijmeringen over te geven.

Aan het slot van de middag volgde weer een korte boottocht, waarna de dag besloten werd met koffie en een broodje. De gehele dag door was er natuurlijk een uitwisselen van familienieuws en -gegevens, een opnieuw aanhalen van familiebanden, terwijl voor en na de lunch de oude foto's die in een zijzaaltje te bezichtigen waren, volop bekeken en nabesteld werden.

De oproep, gedaan tijdens de korte officiële jaarvergadering vlak voor de lunch, om alsnog in te tekenen op “Wijkend Water” van Fred Thomas, had een overweldigende uitwerking: bijna tweehonderd exemplaren werden besteld.

En dan nog éven het volgende: er is op Terschelling een mevrouw die lid is van onze vereniging. Zij had ‘s morgens om 6 (!) uur de boot naar Harlingen genomen, en was vandaar naar Enkhuizen gereisd. Zij zou pas ‘s avonds met de boot van 22 uur weer naar haar eiland terug kunnen gaan en dan pas om + 12 uur 's nachts weer thuis zijn. Dát hebben mensen er dus voor over om de Schokkerdag bij te wonen! Wij staan werkelijk paf.

Bron: Els van der Waag-Conijn, Aalsmeer, Schokker Erf 13, januari 1990