Expositie in Museum Schokland van 11 november 2016 tot en met 2 april 2017: Johan Hendrik van Mastenbroek (1875-1945), beeldchroniqeur van de Zuiderzeewerken.

Voor menig Schokker nazaat vormden de Zuiderzeewerken het einde van het bestaan als visser. In plaatsen als Kampen en Vollenhove werd het dichten van het laatste gat in de Afsluitdijk, in 1932, dan ook intens meegemaakt, met de vlag halfstok aan de mast. Inmiddels zijn hun nazaten uitgewaaierd over Nederland, maar velen wonen in de Noordoostpolder of Flevopolder - en dan zal het leed inmiddels wel geleden zijn. Een mooi moment om eens goed te kijken naar de bijzondere prestaties die toen geleverd zijn. Dat kan door middel van de fraaie beelden van Van Mastenbroek op doek en papier.
 
Johan Hendrik van Mastenbroek werd in Rotterdam geboren. Als zoon van kunstschilder en kunsthandelaar Johannes van Mastenbroek kwam hij al jong in aanraking met het artistieke milieu. Hij raakte er door geïnspireerd en begon te tekenen. Het werd snel duidelijk dat hij talent had. Na diverse verblijven in het buitenland en deelname aan internationale exposities was zijn naam al op jeugdige leeftijd gevestigd.
 
Hij verwierf grote faam met zijn schilderijen van Rotterdam. Hij schilderde de stad, de haven en de bedrijvigheid op treffende wijze. Het was zijn specialiteit vrij technische onderwerpen als de haven, architectuur en industriële installaties heel sfeervol op doek te zetten.
 
Zijn talenten bleven niet onopgemerkt. In de jaren 1920 ging het Zuiderzeeproject van start. Rond 1930 wilde het ministerie van Waterstaat de werkzaamheden ervan vast te leggen in een gedenkalbum.
Samen met vijf andere kunstenaars werd Van Mastenbroek voor deze opdracht gevraagd. Hij vertrok met zijn schetsboek naar de Zuiderzee voor meerdere inspectietochten en was diep onder de indruk van de bouw van de immense  Afsluitdijk. Dit resulteerde in een reeks aquarellen en schilderijen, waarmee hij zowel binnen als buiten de kunstwereld veel lof ontving.
 
Na zijn opdracht lieten de Zuiderzeewerken Van Mastenbroek niet meer los. In de jaren daarop volgend maakte hij regelmatig reizen naar de Zuiderzee om de voortgang van ‘het grootse werk’ te aanschouwen en vast te leggen. 
Hierbij had hij een bijzondere werkwijze. Gewapend met potlood en schetsblok verbleef hij dan dagenlang in het gebied, ploeterend door de modder of meeliftend op een stoombootje of motorvlet. Naderhand werkte hij in zijn atelier de grove schetsen uit tot gedetailleerde tekeningen, aquarellen en majestueuze schilderijen. Van Mastenbroek was een groot liefhebber van de natuur. Hij voorzag zijn werken vaak van schitterende wolkenluchten en waterpartijen. Mede hierdoor kregen ze naast een grote documentaire waarde ook een hoog artistiek gehalte.
 
De expositie in museum Schokland bestaat uit tientallen schilderijen, aquarellen en tekeningen. De nadruk ligt op de bouw van de Noordoostpolderdijk tussen 1936 en 1940. Eén van de bekendste schilderijen is getiteld ‘Het laatste schepje’. Het verbeeldt het moment van sluiting van het dijkvak tussen Lemmer en Urk. Op het schilderij heeft Van Mastenbroek een Urker vrouw toegevoegd die het einde van haar eiland aanschouwt.  Het valt te raden dat zij de feestelijke dijksluiting met gemengde gevoelens zal hebben beleefd. Zo krijgt dit schilderij naast het vastleggen van een belangrijk historisch moment een heel persoonlijk, emotioneel tintje.
 
Van Mastenbroek heeft op onnavolgbare wijze de Zuiderzeewerken en de bouw van de Noordoostpolderdijk weten te schetsen.
De expositie is een ‘must’ voor iedereen die interesse heeft in de historie van de Zuiderzee, het  Zuiderzeeproject en de buitengewoon artistieke weergave ervan door Van Mastenbroek  

Afbeelding: gemaakt bij de 'blinde geul', in 1932. Westfries Archief.